NIEUWS
Voorwoord:
Dirk Mulder, directeur herinneringscentrum Kamp Westerbork
Het zou een optreden op een 5 mei- bevrijdingsfestival worden, het werd met ‘De treinen hebben kleur’ een indringende bijdrage aan de 4 mei-herdenking op het terrein van kamp Westerbork in 1999. Zo begon als een vanzelfsprekendheid een eenheid te ontstaan tussen Maarten Peters en het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Met op iedere volgende herdenking de première van weer een nieuw lied. Soms ontstaan uit een ontmoeting een jaar eerder, zoals met oud-verzetsstrijdster Truus Menger. Een bijzonder lied omdat Bevroren tranen Truus op haar beurt inspireerde tot het maken van een glaskunstwerk met dezelfde titel.
Jaar op jaar regen de liedjes zich aaneen, de één nog gevoeliger dan het andere sprekend is. De poëtische teksten zijn geen ‘l’art pour l’art’-songs maar kennen een boodschap. Niet een moraliserende maar een kritische, een tot nadenken stemmende. En met als rode draad openstaan voor de medemens, te luisteren naar diens nood zoals in ‘Jaargetijden’.
Het zijn ‘noodzaakliedjes’: hij moet ze schrijven. Niet als een opdracht van buiten maar vanuit een innerlijke drang. Zijn wijze van in de wereld staan vraagt dat van hem. Om de herinnering aan oorlog en vervolging levend te houden. Het is immers nog maar 60 jaar geleden dat hier een onnoemelijk verdriet en leed plaatsvond. Onzegbaar voor een historicus maar niet voor een tekstschrijver en componist zoals Maarten Peters dat is.
Met ieder lied weet hij een monumentje op te richten, zowel voor de vermoorden als de overlevenden. En daarmee weet hij hoofd en hart van de luisteraar te bereiken. Sterker nog, als op 4 mei ’s avonds over de historische plek van kamp Westerbork ‘De vogels zingen jouw naam’ te horen is, dan zijn de mensen stil maar zingen de vogels.
En ze fluiten mee met ‘Namen’, een van de meest ontroerende herdenkingscomposities ooit geschreven. Niet één naam, of twee of tientallen maar 102.000 namen. Namen van mensen, van joden, Sinti en Roma die op deze plek hun laatste verblijfplaats in Nederland hadden. En vanuit deze ‘stad op de Drentse heide’ in de jaren 1942-1944 gedeporteerd werden, om vervolgens vermoord te worden in helse oorden als Auschwitz, Sobibor of, zoals Sylvia Elizabeth in Ravensbrück. En zo blijven hun namen in herinnering.
Maarten Peters slaat met zijn teksten ook een arm om de overlevenden en nabestaanden van vervolging en verzet. Hun leed kunnen we niet delen, hun tranen niet wegnemen maar met zijn liederen kunnen bevroren tranen worden ontdooid. Want ‘Herdenken doe je alleen... samen met anderen’. Ze geven vorm aan de verwerking van het verleden, ze zijn een handreiking om gevoelens en gedachten een weg te geven. Maar evenzeer hebben ze een actuele zeggingskracht en daardoor zijn ze aansprekend voor jongeren. Maarten Peters maakt met zijn songs duidelijk dat oorlog en vervolging niet in 1945 is geëindigd. En stelt daarbij de wezenlijke vraag: Wat zou ìk doen?
Het is niet alleen een genoegen om met Maarten samen te werken, hij inspireert en stimuleert ook. Te weten dat mensen zoals hij, zijn Margriet en zijn muzikanten het werk van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork keer op keer om niet ondersteunen doet meer dan goed.
|